Artikelindex

 

 HET REUNIE-CERTIFICAAT VOOR WIE?

Het waarom van recht op een reünie certificaat voor de beroeps, milicien en kvv’er uit de periode van de koude oorlog. 
 
Het begint met het zetten van de handtekening bij de “verklaring onder ede of belofte” die de militair af legt
Hiermee verklaart de aspirant militair dienstbaar te willen zijn aan het koningshuis en vaderland, aan vrede en veiligheid.
Hij zweert dan namelijk trouw aan het Koningshuis, gehoorzaamheid aan de wetten en onderwerping aan de krijgstucht.
 
Dit is nog al een zwaarwegende belofte, immers met het zetten van zijn/haar handtekening geeft hij/zij aan bereid te zijn om het allerhoogste bezit (het leven) in te willen zetten om deze afspraak na te komen.
 
Nu geldt dit tijdens de inzet bij diverse missies in oorlog of conflictgebieden.
Ten tijde van de koude oorlog ging het om het bewaken van voornamelijk de grenzen tussen Oost en West Europa, op zee gold dit voor het behoud van de vrije doorgang van de handelsroutes op zee.
In die periode kwam er voortdurend dreiging van het Warschaupact.
 
Derhalve heeft de militair in de periode van de koude oorlog ook zijn spannende momenten gekend.
Misschien wel spannender dan die “zich veteraan noemende” uitgezonden militairen die op een militaire basis van bevriende landen het militair materiaal bevoorrade en up to date hield, werk (niet onbelangrijk) dat zij ook onder gelijk gestemde situaties op de thuisbasis moeten verrichten.
 
Nederland, onderdeel van de NAVO.
In NAVO verband wordt, de wederzijdse verdediging en samenwerking van de legers van de Westerse landen geregeld.
Tijdens de koude oorlog waren Nederlandse militairen paraat bij de Oost Duitse grens, terwijl het personeel van de Koninklijke Marine “in NAVO” verband, de vrije doorgang van de zeeroutes bewaakten om zodoende een derde wereld oorlog te voorkomen.
 
Wanneer je voor “slechts” een oefening naar zee werd gestuurd wist je dat er altijd iets kon gebeuren, steeds was er ook toen dreiging, vooral wanneer er een vlootverband uit Rusland door de wateren voer die door de NAVO eskaders werden gecontroleerd.
Dan werd het opeens anders en werd oefening werkelijkheid, heen en weer hield men elkaars bewegingen nauwgezet in de gaten, van beide kanten werd het geschut in stelling gebracht en er werd oorlogswacht gelopen.
Kortom je wist nooit hoe het af zou lopen maar toen je tekende wist je waaraan je begon en hoewel je voor deze situaties was getraind, was het iedere keer weer spannend.
 
Anno nu gaat het om relatief korte missies hooguit drie maanden zijn de marine vrouwen en mannen van huis, na deze missie worden zij dan vorstelijk gecompenseerd, in geld en vrije tijd.
Ten tijde van de koude oorlog was dit anders, toen ging het vaak om perioden van minimaal zes maanden, je kreeg als compensatie fl. 1,35 oefentoelage per dag en na de trip, afhankelijk van de periode van afwezigheid, maximaal een zevental eskaderdagen vrijaf.
 
In deze periode gold nog de dienstplicht, voor de mannen bij de Lucht en Landmacht gold dan een eerste dienstperiode van 18 maanden, voor de Koninklijke Marine duurde de eerste opkomst 21 maanden, soms werd deze stilzwijgend verlengd wanneer de milicien op oefening was.
Na het na het volbrengen van de eerste dienstplicht periode werden de afzwaaiers met groot verlof gestuurd.
Dit hield in dat men zich te allen tijde beschikbaar moesten houden om bij calamiteiten de dienst weer op te pakken.
Deze verplichting gold tot hun 35e levensjaar maar om de geoefendheid up to date te houden, werden zij soms periodiek voor enkele weken op herhaling terug geroepen.
 
Het beroeps personeel werd na beëindiging van hun dienstcontract ingedeeld bij het reserve personeel van de Koninklijke Marine, ook voor hen gold een reserveperiode tot hun 35e jaar.
In beginsel had de KM geen KVV’ers in dienst, dit was eerst alleen mogelijk bij de Land en luchtmacht.
Later heeft men, met het opschorten van de dienstplicht, ook bij de KM, Kort Verband Vrijwilligers toegelaten.
                 
Voldoen aan de regeling Reünie Faciliteiten.
Gezien het bovenvermelde is een grote groep voormalige marine militairen van mening dat er niet op de juiste wijze om wordt gegaan met de uitvoering van artikel 1 van de regeling reünie faciliteiten en de veteranen status welke aan deze groep wordt toegekend.
Nu wordt het defensie personeel, dat als   Kort Verband Vrijwilliger (KVV’er) of dienstplichtige hun dienst hebben vervult, niet in deze regeling worden meegenomen
Door bijtelling van de reserve of grootverlof periode voldoen de voormalige militairen wel aan het gestelde in artikel 1 derde alinea van de genoemde regeling.
Dit maakt dat een ieder gewezen militair voldoet aan de in dit artikel gestelde voorwaarde van minimaal zes dienst jaren daarom moeten zij ook in de beoordeling worden meegenomen.
 
Geen postactief.
Het begrip postactief  is voor een gewezen militair niet de juiste.
Deze benaming gaat alleen op voor een ambtenaar.
Een ambtenaar die reeds met pensioen is maar nog in zijn/haar functie werkzaam is een postactieve ambtenaar.
Daarom gaat deze gradatie niet op voor het merendeel van de ex militairen, immers de meeste dienstverlaters hebben na hun contract periode, als reserve of met groot verlof zijnde militair, een burger betrekking gehad.
Hoe moet de ex militair dan wel gezien worden?
Iedere voormalig militair is volgens de omschrijving in de “Dikke van Dale” een Veteraan.
 
Veteranen zijn :
  1. Oud militairen, een oud soldaat ofwel een bejaard en uitgediend krijgsman.
  2. Een oorlogsveteraan of oud-strijder is iemand die als soldaat voor zijn land heeft gediend in
  3. Een uitgediende soldaat.
  4. Of een ervaren en in zijn vak grijs geworden ambtenaar of vakman.
  5. Maar ook Iemand die tot een groep met de meeste ervaring behoort bijvoorbeeld: hij voetbalt bij de veteranen.
 
Gelet op voorgaande uitleg hebben  de voormalige militairen van de zogenaamde Koude Oorlog niet de status die zij verdienen, en wordt af geweken van de gehanteerde definitie die wel door een aantal andere NAVO-landen, met name de Verenigde Staten van Amerika en het Verenigd Koninkrijk, wordt gehanteerd.
 
Er wordt nog op een andere wijze afgeweken van het begrip veteraan, door actief dienende militairen nu al de status van veteraan te geven wordt geen recht gedaan aan het begrip gesteld in punt drie van de bovenstaande uitleg.
Dat de periode van missies gekoppeld worden aan het aantal dienstjaren hoeft geen belemmering te zijn, immers van die militairen die gedeelten van hun dienst in de tropen hebben verricht worden de jaren ook dubbel geteld.
 
Dit houdt in dat Nederland het begrip militaire veteraan bij zou moeten stellen.
 
Wel kan er een onderscheid in het begrip veteraan worden gemaakt, zij kunnen in twee verschillende klassen worden verdeeld, bijvoorbeeld: 
  1. In een oorlogsveteraan, gediend in oorlogssituaties
  2. En in de koude oorlogsveteraan gediend in de periode van politieke spanningen tussen de NAVO- landen en het Warschaupact.
Dan wordt de uitleg van het begrip Veteraan zoals verwoordt in de Dikke van Dale correct gevolgd.
 
Omdat andere landen hun gewezen militairen wel de status van veteraan toekennen, moeten de huidige, als postactieve geregistreerde, gewezen militairen een andere pas, met hier op vermeld; “Veteraan”, hebben, dan pas ondervind een grote groep oudgedienden de waardering van de inspanningen die zij in het belang van de vrede en veiligheid voor hun Koningshuis en Vaderland hebben verricht.
Buiten deze erkenning zullen zij bij het bezoeken van bevriende NAVO landen ook de daar geldende de privileges voor veterenen ontvangen.
 
Tot slot:
 
 De ex militairen die zich tijdens de periode van de koude oorlog hebben ingezet voor een vrij en democratische Westen zullen, zolang er in Doorn alleen maar, zich veteraan noemende bestuurders bepalen wie de status van veteraan moeten krijgen, zal de bovengenoemde groep deze status nooit krijgen.
En dit is niet terecht daarom denken wij dat de politiek nu aan zet is.

Daarom vragen wij van u, als commissie, zich te buigen over de juiste uitleg van het boven vermelde begrip en de Veteranenwet aan te passen.

Wij, het bestuur van de NVOAM, zijn van mening dat het de taak is van alle verenigingen die de belangen van de voormalige marine medewerkers zeggen te behartigen nu de gelederen moeten sluiten.

Dan pas is het mogelijk om de discussie weer een nieuw leven in te blazen en zich in te zetten om alle voormalige militairen de erkenning te geven die zij verdienen.

 Eén voor allen allen, allen voor één.

Klaas Helder
 
Vztr. NVOAM
0614419036
 
 
 
Onderschrijft u deze steling?
De N.V.O.A.M. staat open voor al het voormalig en actiefdienend marinepersoneel uit geheel Nederland.
Wij houden  de contributie laag, slechts 20 euro per jaar en kennen geen inschrijfgeld.
In plaats van het lidmaatschap kennen wij ook donateurs, voor maar 12 euro per jaar ondersteund u onze vereniging al.
 
DAAROM!!
Help mee de  "Noordelijke Vereniging Oud en Actief dienend personeel der Koninklijke Marine",  gezond te houden.