Beste Vaer. 


 

 

 Het woord van de voorzitter.   

Een vreemdeling is een vriend die je nog niet kent.' In dit Ierse spreekwoord liggen alle mogelijkheden en kansen van de ontmoeting met een vreemdeling besloten. Vele mensen, overal ter wereld  komen aan die vriendschap nooit toe. 
 Voor hen is en blijft de vreemdeling iemand die met achterdocht wordt bejegend, die wordt geweerd of genegeerd, of zelfs gediscrimineerd en vervolgd. De kritische vragen die de vreemdeling stelt vanuit een andere beleving van waarden en normen, een andere cultuur of religie, versterken die achterdocht nog.   Een dergelijke houding is niet alleen iets van onze tijd, zij is van alle tijden. Door de eeuwen heen bestaat dit al, in het stenen tijdperk toen men nog in grotten levend een steen voor de ingang van een grot rolden, of enkele hutten rond een tarweveldje hebben neergezet daarmee creëerden ze het begrip thuis, en worden buitenstaanders gezien als een potentiële bedreiging.  Een vreemdeling met het kwade oog die anderen zou kunnen beheksen. Er zijn eigenlijk geen woorden voor en het is niet zonder betekenis. En sluimert ergens in ons ook niet het besef van de vreemdeling in onszelf en in de dierbaren met wie we dagelijks verkeren? Hoewel wij denken ons en onze directe naasten goed te kennen, staan we soms weer versteld van de capaciteiten die in ons schuilen.  De mate van beschaving van een samenleving laat zich afmeten aan de manier waarop ze omgaat met vreemdelingen. Zo worden de Amerikanen en hun bondgenoten in Irak niet als bevrijders, maar als de vreemdeling gezien die met het boze oog, als zouden zij wel vertellen hoe de Irakees met zijn beschaving zal moeten omgaan.   Gelukkig worden onze jongens door een groot deel van de bevolking als humane hulpverleners gezien, maar helaas bestaat er een groep voor wie zij de vreemdeling (indringers) blijven, deze gedachten brengen de gevaren waaraan hij, met welke goede bedoelingen ook gekomen, wordt bloot gesteld.   Gevaar daar maar ook in het thuisland wordt deze militair, getuige de discussies rond om hun verblijf aldaar, niet altijd begrepen, met welke consignes is hij op weg gestuurd mag hij wel of niet zelf over het hanteren van het wapen besluiten? Wij thuis weten het allemaal zo goed immers, onze mensen zijn er op humanitaire gronden naar toe gezonden, dus is het geen oorlogsgebied als men ter zelfverdediging denkt het wapen te moeten gebruiken, doch als de discussie gaat over het in slaap vallen op de post gaat dan is dit een ernstig vergrijp er heerst daar immers een oorlog!  Weet u het dan nog?
 In de mei maanden gaan we ook vreemdelingen herdenken, voor ons als NVOAM zal het betekenen dat we in het bijzonder, de gevallen zeevarenden herdenken, vreemdelingen die zich over de wereld zeeën waagden om in den vreemde hun leven in de waagschaal te leggen zodat wij in vrijheid kunnen leven. 
 De herdenkingen in mei laten wij ons door de federatie "FOVAM" vertegenwoordigen.
 In het komende verenigingsjaar organiseren we weer diverse bijeenkomsten, op deze avonden komen wij als voormalige marine collega’s bijeen, praten over den vreemde waar wij vaak zijn geweest, de regelmatige oplopers zijn voor elkaar geen vreemde meer, maar er zijn leden voor ons nog vreemden en nog niet gekend.
 Het zou fantastisch zijn als wij op deze avonden u ook eens mogen begroeten, u wordt niet met achterdocht bejegend,  wordt niet geweerd of genegeerd, en aan het einde van de avond zult u zeggen wij kwamen als vreemden maar gaan als vrienden huiswaarts, tot de volgende oploopavond,  tot ziens:              
 Klaas Helder  vztr. NVOAM