Uitkering Gewezen Militairen     Als u als militair stopt met werken en met leeftijdsontslag gaat, krijgt u op basis van de Uitkeringswet Gewezen Militairen (UGM) een uitkering. Deze uitkering krijgt u totdat u ABP OuderdomsPensioen gaat ontvangen.
 Hoeveel UGM krijgt u?   De hoogte van uw UGM-uitkering is 73% van uw uitkeringsgrondslag. Basis voor de uitkeringsgrondslag is uw salaris en de toelagen die Defensie meeneemt in de pensioengrondslag. Uw UGM-uitkering is inclusief:
  • vakantie-uitkering en eindejaarsuitkering
  • 9,3% vergoeding voor Extra Beslaglegging (VEB)
  • eventuele pensioengevende toelagen  
Hoe vraagt u UGM aan?  
Wij krijgen van Defensie bericht wanneer u met ontslag gaat. U ontvangt dan van ABP een betaalformulier en een brochure. Stuur het formulier volledig ingevuld en ondertekend naar ons terug, dan zorgen wij dat u vanaf het einde van de maand waarin u ontslagen bent, uw uitkering krijgt.
Wat is het effect van de hogere AOW-leeftijd?   
Met ingang van 2013 stijgt de leeftijd waarop u voor het eerst AOW ontvangt. Dat gebeurt stapsgewijs van 65 jaar nu naar 67 jaar in 2021. Hierdoor kunt u tijdelijk te weinig inkomen hebben. Op uw 65ste stopt namelijk de UGM en ontvangt u voor het eerst ABP OudersdomsPensioen, maar nog geen AOW.
Om dit tijdelijke inkomensverlies op te vangen, zijn er twee overbruggingsregelingen: de SVB-regeling en de AOW-overbrugging in de ABP-regeling (ABP-overbrugging). U kunt maar van één regeling gebruikmaken. 
Hoe vangt u het AOW-gat op?  
Mogelijk hebt u door de stapsgewijze verhoging van de AOW-leeftijd een of meer maanden een lager inkomen als u met pensioen gaat. Om dit tijdelijke inkomensverlies op te vangen, zijn er twee overbruggingsregelingen:
  • De SVB-regeling
  • De AOW-overbrugging in de ABP-regeling (ABP-overbrugging)
De SVB-regeling
Voor de lagere inkomens heeft de Sociale Verzekeringsbank (SVB) een kosteloze overbruggingsregeling. Als u voor de overbruggingsregeling in aanmerking komt, informeert de SVB u hierover.
Voor wie geldt de SVB-regeling?     
De overbruggingsregeling van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) is bedoeld voor de lagere inkomens. Dit betekent onder andere dat u moet voldoen aan de volgende voorwaarden:
  • Uw inkomen in de maand waarin u 64 jaar en 6 maanden bent, ligt onder de vastgestelde grens. Dit betekent voor alleenstaanden dat uw inkomen lager moet zijn dan 200% van het bruto wettelijk minimumloon. Als u een partner hebt, moet uw gezamenlijk inkomen lager zijn dan 300% van het bruto wettelijk minimumloon.
  • Op 1-1-2013 ontving u ABP Keuze Pensioen, UGM, FPU/VUT of een uitkering uit een andere inkomstenregeling.
  • Uw vermogen ligt op 1 januari van het jaar waarin u 65 jaar wordt onder de vrijstellingsgrens van box 3.
Kijk voor de precieze voorwaarden en verdere uitleg op de site van de SVB.
Maar let op!  
Komt u in aanmerking voor de SVB-regeling? Dan kunt u beter geen gebruik maken van de ABP-overbrugging. Uw recht op de SVB-regeling kan daardoor namelijk beperkt worden. Omdat de ABP-overbrugging in de meeste gevallen automatisch wordt toegepast, moet u zelf actie ondernemen als u hiervan geen gebruik wilt maken. Reageert u in dat geval op de pensioenopgave die u van ABP ontvangt.
De AOW-overbrugging in de ABP-regeling.  
ABP zorgt ervoor dat uw ABP-pensioen het tijdelijke inkomensverlies opvangt, totdat u de AOW-leeftijd bereikt. Dit betekent dat uw pensioen op een andere manier wordt verdeeld. Hierdoor zal uw maandelijkse pensioenuitkering voor de rest van uw leven iets lager zijn. De ABP-overbrugging geldt voor:
ABP KeuzePensioen   
Met ABP KeuzePensioen bepaalt u zelf wanneer u met pensioen gaat. Als u nog geen AOW ontvangt als u met pensioen gaat, compenseert ABP KeuzePensioen automatisch de AOW.  
FPU / ABP OuderdomsPensioen 
Uw ABP OuderdomsPensioen compenseert automatisch de AOW. 
UGM / militairen  
Uw ABP OuderdomsPensioen compenseert automatisch de AOW.
In de meeste gevallen past ABP de AOW-overbrugging automatisch toe. U wordt hierover per brief geïnformeerd. Wilt u niet dat ABP uw AOW-gat overbrugt met uw pensioenregeling? Dan moet u reageren op de pensioenopgave die u van ABP ontvangt.
Wanneer moet u in actie komen?  
U wilt gebruikmaken van: 
  • de SVB-regeling   Als u voor de overbruggingsregeling van de SVB in aanmerking komt, krijgt u een brief van de SVB. Het recht op de SVB-regeling kan echter beperkt worden wanneer u gebruikmaakt van de ABP-overbrugging. U kunt dit voorkomen door te reageren op de pensioenopgave van ABP. U moet ons dan schriftelijk laten weten dat u geen gebruik wenst te maken van de ABP-regeling.
  • de ABP-overbrugging
Komt u niet in aanmerking voor de SVB-regeling, dan kunt u gebruikmaken van de overbrugging in de ABP-regeling. Deze overbrugging wordt in principe automatisch aangeboden, ABP informeert u hierover bij uw pensioenopgave.
  • geen regeling
Als u niet van de ABP-overbrugging gebruik wilt maken, moet u schriftelijk reageren op de pensioenopgave van ABP. U moet dan expliciet aangeven dat u geen gebruik wilt maken van de ABP-overbruggingsregeling. Van de SVB ontvangt u alleen een brief als u voor de SVB-regeling in aanmerking komt.
 
 OBR (overbruggingsregeling)
Wat is de overbruggingsuitkering?
Door de verhoging van de AOW-leeftijd vanaf 1 januari 2013 kunt u tijdelijk minder inkomen hebben. Dat kan als u een VUT of vergelijkbare (particuliere) regeling heeft, die stopt of lager wordt vóór uw AOW-pensioen ingaat. U kunt dan misschien een overbruggingsuitkering krijgen.
De overbruggingsuitkering loopt vanaf uw 65e verjaardag tot de dag waarop uw AOW ingaat. Stopt uw VUT of vergelijkbare regeling na uw 65e verjaardag of wordt deze na uw 65e verjaardag lager? Dan gaat de overbruggingsuitkering in op de dag waarop uw VUT of vergelijkbare regeling stopt of wordt verlaagd.
 De overbruggingsuitkering is geen lening maar een uitkering.
Wanneer kunt u een overbruggingsuitkering aanvragen?
Voor de overbruggingsuitkering gelden voorwaarden. U kunt alleen een uitkering krijgen als u aan alle voorwaarden voldoet. 
Als we volgens onze gegevens denken dat u aan de voorwaarden voldoet, krijgt u 3 maanden voor uw 65e verjaardag een brief van ons over het aanvragen van de overbruggingsuitkering.
Vul de vragen in en kijk of u aan alle voorwaarden voldoet.
Voldoet u aan de voorwaarden? Dan ziet u vanzelf een link waarmee u een OBR kunt aanvragen.
Wat zijn de voorwaarden?
U had op 1 januari 2013 een uitkering uit een van de volgende regelingen:Deze uitkering stopt of wordt lager in de maand waarin u 65 jaar wordt of op de eerste dag van de maand na uw 65e verjaardag.
  • VUT, prepensioen, overbruggingspensioen of functioneel leeftijdsontslag
  • partnerpensioen
  • particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering voor (voormalige) zelfstandigen
  • particuliere Anw-hiaatverzekering of een particuliere WIA/WGA-verzekering
  • lijfrente wegens ontslag (ontslagvergoeding die door uzelf of de werkgever is omgezet in een periodieke uitkering)
  • wachtgelduitkering op basis van een wachtgeldregeling
  • levensloop of
  • niet-Nederlandse uitkering die overeenkomt met een van bovengenoemde regelingen
  1. Uw inkomen ligt beneden een bepaalde grens. Als u alleenstaand bent, is uw inkomen in de maand waarin u 64,5 jaar bent lager dan 200% van het bruto wettelijk minimumloon. Per 1 januari 2014 is dat € 2.971,20. Als u een partner heeft is het inkomen van u en uw partner samen lager dan 300% van het bruto wettelijk minimumloon. Per 1 januari 2014 is dat € 4.456,80. Eenmalige inkomsten in die maand, zoals een bonus, eindejaarsuitkering of vakantiegeld tellen niet mee.
  2. Uw vermogen op 1 januari van het jaar waarin u 65 jaar wordt, ligt onder de vrijstellingsgrens van box 3. Op 1 januari 2014 ligt die grens voor alleenstaanden op € 21.139 en voor partners op € 42.278. Voor (voormalige) zelfstandigen geldt boven deze grens nog een extra vrijstelling van € 114.131. Uw eigen huis en pensioenvermogen tellen niet mee.
Hoe hoog is de uitkering?
Voldoet u aan alle voorwaarden? Misschien kunt u dan een overbruggingsuitkering krijgen. Als u een partner heeft die nog die nog niet de AOW-leeftijd heeft bereikt, kunt u boven op uw overbruggingsuitkering een partneruitkering krijgen. Hoeveel overbruggings- en partneruitkering u krijgt, hangt af van de inkomsten die u en uw partner hebben in de periode waarover u een uitkering kunt krijgen. Inkomsten uit loon en winst uit een eigen bedrijf gaan gedeeltelijk van de uitkering af. Overige inkomsten, zoals pensioenen, of afkoop van een pensioen, gaan helemaal van de uitkering af. Het resultaat kan zijn dat u geen overbruggingsuitkering krijgt. Heeft u een partner en heeft uw partner weinig of geen inkomsten? Dan kunt u wel een partneruitkering krijgen.
De hoogte van de overbruggingsuitkering hangt ook af van het aantal jaren dat u verzekerd bent geweest voor de AOW. Iedereen die in Nederland woont of werkt, is automatisch verzekerd. Ieder jaar dat u verzekerd bent, bouwt u 2% overbruggingsuitkering op.
 Partneruitkering vervalt in 2015
In 2015 vervalt de partneruitkering. U kunt vanaf 2015 alleen nog partneruitkering krijgen als u:
  • voor januari 2015 gehuwd of samenwonend was, en
  • voor 1 januari 2015 een gedeeltelijke of hele partneruitkering ontving, en
  • geboren bent vóór 1 november 1949, of
  • geboren bent in november 1949 en voor 1 maart 2015 een gedeeltelijke of hele partneruitkering ontving,
  • geboren bent in december 1949 en voor 1 april 2015 een gedeeltelijke of hele partneruitkering ontving.
Als u op of na 1 januari 1950 geboren bent, krijgt u geen partneruitkering.
Overbruggingsuitkering is tijdelijk
De overbruggingsuitkering is op 1 oktober 2013 ingegaan en werkt terug tot 1 januari 2013. Het gaat om een tijdelijke uitkering. Na 31 december 2018 kunnen geen nieuwe uitkeringen meer ingaan.
Bedragen vanaf 1 januari 2014
De overbruggingsuitkering kan nooit hoger zijn dan uw laatste VUT- of vergelijkbare uitkering. 
Maximum bruto bedrag per maand (exclusief 8% vakantiegeld)
U woont alleen
€ 1.121,87
U woont met een partner
€ 727,49
Partneruitkering
€ 727,49
U woont alleen met een kind onder de 18 jaar
€ 1.400,73